Beleid, Bestuur, Management & Pedagogiek in het kindcentrum

Onderwijsinspectie: mbo’s moeten meer doen tegen stagediscriminatie

Dat stagediscriminatie een probleem is staat vast. Toch blijkt uit het onderzoek ‘Stagediscriminatie in het mbo’ van de Inspectie van het Onderwijs dat er nog nauwelijks specifiek beleid ten aanzien van stagediscriminatie is. Het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) heeft zelfs geen duidelijke definitie van stagediscriminatie en mbo-instellingen houden meldingen niet goed bij. Met als gevolg dat studenten niet precies weten wanneer zij gediscrimineerd worden en het dus ook niet melden.


Besturen en opleidingen moeten hun verantwoordelijkheid stevig oppakken en ervoor zorgen dat stagediscriminatie zo min mogelijk een rol kan spelen in de studieloopbaan van studenten. De inspectie roept besturen en opleidingen op om stagediscriminatie expliciet te benoemen en concreet te maken in visie en beleid. Te beginnen met de duidelijke norm ‘We tolereren discriminatie niet’. Communiceer ook duidelijk met het leerbedrijf over wat er onder een positief pedagogisch leerklimaat wordt verstaan en wat je van elkaar mag verwachten, mocht stagediscriminatie zich voordoen.

Studenten geven bij de onderwijsinspectie aan dat zij betwijfelen of er iets gebeurt met een melding en ze zijn bang om discriminatie te melden. Ze denken dat ze een slechte beoordeling krijgen of studievertraging oplopen als ze iets melden. Sommige studenten zien discriminatie zelfs als een gegeven in het leven ‘wat erbij hoort’.

Belangrijk is dat iedereen weet wat stagediscriminatie inhoudt of betekent, maar ook wat het niet is. Iedereen heeft vooroordelen en/of discrimineert. Dit erkennen is lastig en het gesprek hierover voeren daardoor ook. Maar dit gesprek moet wel gevoerd worden. Schep tenslotte met elkaar een cultuur van veiligheid waarin melden en een goede afwikkeling van meldingen gewoon is. Een student moet erop kunnen rekenen dat een melding geen nadelige consequenties heeft. Klik hier voor het hele mbo-stageonderzoek