Beleid, Bestuur, Management & Pedagogiek in het kindcentrum

Kabinet openbaart proces besluitvorming nieuw kinderopvangstelsel

Het ministerie van Financiën heeft alle communicatie en informatie openbaar gemaakt tussen het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en het ministerie van Financiën (waaronder Dienst Toeslagen) over het nieuwe financieringsstelsel kinderopvang en het wetsvoorstel Wet financiering kinderopvang. Dit naar aanleiding van een WOO-verzoek.


Interessant zijn de opmerkingen en stukken over de vormgeving van het nieuwe financieringsstelsel kinderopvang en het aanmerken van kinderopvang als dienst van algemeen economisch belang (DAEB). Zij gaan over de voorgenomen directe betaling aan aanbieders, de hoogte van de overheidsvergoeding en de eigen bijdrage van ouders. Ook de keuze voor afschaffing van de kinderopvangtoeslag en overgang naar directe financiering en over de uitvoerbaarheid en risico's voor Dienst Toeslagen komen aan bod.

Kinderopvang een DAEB-status geven is volgens de ministeries nodig omdat de Europese Commissie in ‘informeel overleg’ een helder oordeel heeft gegeven: in het nieuwe financieringsstelsel is sprake van staatssteun. Een kinderopvangorganisatie ontvangt immers vanuit de overheid een vergoeding ten behoeve van de opvang van een bepaalde kind/ouder-combinatie, hetgeen een selectief voordeel oplevert voor de kinderopvangorganisatie.

De Europese Commissie ziet alleen in de vorm van een DAEB mogelijkheid om deze staatssteun te rechtvaardigen. Ook verschillende andere lidstaten hebben via een DAEB-constructie het kinderopvangstelsel ‘staatssteun-proof’ gemaakt. Een aanpak die het kabinet heeft overgenomen in de nieuwe plannen.

Het aanmerken tot een DAEB is volgens de ambtenaren noodzakelijk, omdat kinderopvang anders niet (vanzelf) door de markt naar maatschappelijk aanvaardbare voorwaarden kan worden verricht of door de markt zelf kan worden opgepakt. ‘Het gaat er in de praktijk om ervoor te zorgen dat deze diensten een bepaalde kwaliteit hebben en tegen aanvaardbare voorwaarden en tarieven voor het publiek beschikbaar zijn. Lidstaten hebben een ruime beoordelingsbevoegdheid bij het bepalen van wat een DAEB is. Echter, de Europese Commissie veronderstelt altijd een bepaalde vorm van marktfalen als voorwaarde voor de financiering van een DAEB.’